Wedstrijdbepalingen
![]()
Dit zijn standaard wedstrijdbepalingen. Elke vereniging vult daarbij zijn eigen lokale wijzigingen in.
Combi (vul de naam in) evenementen 2011
Wedstrijdbepalingen 2011
die zullen worden gehouden op:
Datum Plaats voor niveau
I
II
III
IV
V
VI
voor de klassen: (vul de klassen in die worden uitgenodigd)
1. Regels
De regels die van toepassing zijn:
1.1 De wedstrijdserie is onderworpen aan de ‘regels’ zoals vastgelegd in de Regels voor Wedstrijdzeilen (RvW) 2009-2012.
1.2 Deze wedstrijdbepalingen en aanvullend voor de Optimist C, het Jeugdreglement.
1.3 Appendix P kan van toepassing zijn (jury op het water).
1.4 Bepalingen van het Watersportverbond.
1.5 Het Combi reglement.
1.6 De klassenvoorschriften van de desbetreffende klasse(n).
Bij tegenstrijdigheden is de Nederlandse tekst doorslaggevend.
2 MEDEDELINGEN AAN DEELNEMERS
2.1 Mededelingen aan deelnemers zullen worden vermeld op het officiële mededelingenbord dat zich in of nabij het informatie centrum bevindt.
2.2 De locatie, openingstijden en de bereikbaarheid van het informatie centrum worden bepaald in “Verdere Voorschriften” B1.
3 WIJZIGINGEN IN DE WEDSTRIJDBEPALINGEN
Iedere wijziging in de wedstrijdbepalingen zal worden bekend gemaakt minimaal 2 uur vóór de eerste start op de dag dat deze van kracht wordt, behalve dat iedere wijziging in het schema van de wedstrijden zal worden bekendgemaakt vóór 19:00 op de dag voordat deze van kracht wordt.
4 SEINEN OP DE WAL
4.1 Seinen op de wal zullen worden getoond aan de vlaggenmast nabij het informatie centrum.
4.2 Wanneer vlag OW getoond wordt op de wal, wordt in Wedstrijdsein OW ‘1 minuut’ vervangen door ‘niet
minder dan 45 minuten’.
5 PROGRAMMA VAN DE WEDSTRIJDEN
5.1 Startvolgorde:
De startvolgorde wordt bekend gemaakt min. 1 uur voor de aanvang van de 1e wedstrijd op het mededelingenbord.
Het wedstrijdcomité kan de startvolgorde wijzigen om wachttijden te beperken.
5.2 Programmering van de wedstrijden:
(Publiceren wat van toepassing is)
Voor een 1 daags evenement geldt:
|
Dag |
Wedstrijd |
Tijd van het 1e startsein |
Tijd van het 1e waarschuwingssein |
|
Zaterdag of Zondag |
1 |
10:30 |
10:25 |
|
|
2 |
z.s.m. |
|
|
|
3 |
z.s.m. |
|
|
|
4 |
z.s.m. |
|
Voor een 2 daags evenement geldt:
|
Dag |
Wedstrijd |
Tijd van het 1e startsein |
Tijd van het 1e waarschuwingssein |
|
Zaterdag |
1 |
11:00 |
10:55 |
|
|
2 |
z.s.m. |
|
|
|
3 |
z.s.m. |
|
|
Zondag |
4 |
10:00 |
09:55 |
|
|
5 |
z.s.m. |
|
Voor een 3 daags evenement geldt:
|
Dag |
Wedstrijd |
Tijd van het 1e startsein |
Tijd van het 1e waarschuwingssein |
|
Zaterdag |
1 |
11:00 |
10:55 |
|
|
2 |
z.s.m. |
|
|
|
3 |
z.s.m. |
|
|
Zondag |
4 |
10:00 |
09:55 |
|
|
5 |
z.s.m. |
|
|
|
6 |
z.s.m. |
|
|
Maandag |
7 |
10:00 |
09:55 |
|
|
8 |
z.s.m. |
|
|
|
reserve |
z.s.m. |
|
5.3 Wanneer meer dan één wedstrijd gehouden zal worden op dezelfde dag, moet het waarschuwingssein
voor elke volgende wedstrijd zo snel als praktisch mogelijk is worden gegeven.
Om boten te waarschuwen dat een nieuwe wedstrijd of een reeks van wedstrijden spoedig zal beginnen
zal 5 minuten voor het eerste waarschuwingssein van de eerste klasse die start, een attentiesein (oranje vlag met 1 geluidssein) worden getoond.
De oranje vlag zal worden gestreken 1 minuut voor het waarschuwingssein met 1 geluidssein. Dit wijzigt RvW 26.
5.3.1 Voor een 1 daags evenement geldt:
Op de wedstrijddag zal geen waarschuwingssein meer gegeven worden na 16:00 .
5.3.2 Voor een 2 daags evenement geldt:
Op zaterdag zal geen waarschuwingssein meer gegeven worden na 16.00 uur.
Op zondag zal geen waarschuwingssein meer gegeven worden na 15.00 uur.
5.3.3 Voor een 3 daags evenement geldt:
Op zaterdag en zondag zal geen waarschuwingssein meer gegeven worden na 16:00.
Op maandag zal geen waarschuwingssein meer gegeven worden na 15.00 uur.
5.4.1 Indien het Comité besluit tot een walpauze zal dit worden bekend gemaakt op het finish- of afkortvaartuig door het tonen van Vlag OW boven H, de starttijden van de volgende wedstrijd zullen dan bekend worden gemaakt op het mededelingenbord.
5.4.2 Indien een comité een vaste walpauze programmeert zal dit worden bekend worden gemaakt in de wedstrijdbepalingen onder punt 5.2.
6 KLASSENVLAGGEN EN LINTEN
6.1 Klassenvlaggen:
Klasse Klassenvlag
Splash-A G
Splash-B J
Optimist-A D
Optimist-B E
Optimist-C F
Laser 4.7 O
RS Feva R
SW T
Open Bic U
Overige klassen K
6.2 Linten:
Boten in de verschillende groepen (A, B of C) zullen herkenbaar zijn aan verschillende kleuren linten of stickers.
Linten dienen in de top van de mast / spriet gevoerd te worden of stickers dienen aan beide zijde van de romp geplakt te worden.
Boten in de A-groep van hun klasse dienen een rood lint in de top van hun mast te voeren. Boten in de B-groep van hun klasse dienen een blauw lint in de top van hun mast te voeren. Boten in de Optimist C klasse dienen een groen lint in de top van hun zeil te voeren.
Deze linten worden door de Organiserende Autoriteit beschikbaar gesteld en zijn verkrijgbaar bij het informatie centrum.
7 WEDSTRIJDGEBIED
De ligging van het wedstrijdgebied wordt bepaald in Verdere Voorschriften B2.
8 DE BANEN
8.1 De diagrammen in Verdere Voorschriften B3 tonen de banen en ongeveer de hoeken tussen de rakken,
de volgorde waarin de merktekens moeten worden voorbijgevaren en de zijde waaraan ieder
merkteken moet worden gehouden.
(de in dit voorstel gegeven baan heeft de voorkeur, echter lokale omstandigheden kunnen eisen een ander soort baan te varen, deze dan aangeven in B3)
8.2 De lengte van de baan is zodanig, dat de streeftijd van ongeveer 50 minuten voor de eerste boot die finisht per wedstrijd wordt gehaald. Afwijkingen van deze tijd zijn geen grond voor verhaal.
8.3 Niet later dan het waarschuwingssein kan het wedstrijdcomité de kompaskoers van de startlijn naar
merkteken 1 bij benadering aangeven.
8.4 De Optimist-C vaart op een aparte baan met aangepaste lengte en wedstrijdduur, deze wordt besproken tijdens de speciale C palavers.
9 MERKTEKENS
De gebruikte Merktekens worden beschreven in Verdere Voorschriften B3.
(De beschikbaar gestelde boeien van de sponsor hebben de voorkeur, lokale omstandigheden kunnen anders vereisen, deze dan omschrijven in B3).
10 DE START
10.1 Op elke deelnemende boot rust de verplichting voor het waarschuwingssein van zijn klasse, zijn zeilnummer aan het wedstrijdcomité te tonen, dit door op een aan de windse koers tussen het startschip en de meldboei (per combi definiëren) aan SB van het startschip door te varen en zich ervan te vergewissen dat het wedstrijdcomité dit heeft kunnen waarnemen.
De straf voor het overtreden van deze regel is ter beoordeling van het protestcomité.
10.2 Wedstrijden zullen worden gestart volgens regel 26.
10.3 Wanneer gedurende de twee minuten voor zijn startsein enig deel van de romp, bemanning of uitrusting van een boot aan de baanzijde van de startlijn is, zal het wedstrijdcomité vlag V tonen. Deze zal worden getoond totdat alle boten die geheel naar de startzijde van de startlijn zijn gezeild, maar niet na het startsein.
10.4 Indien wordt gestart onder vlag I (30.1) of onder de zwarte vlag (30.3) zal vlag V getoond worden tot 1 minuut voor de start.
10.5 De startlijn zal liggen tussen een staak of mast met de betreffende Verenigingsvlag aan boord van het
Startschip aan stuurboord en het bakboord merkteken van de startlijn ODM, gezien in de richting van het eerste merkteken.
Indien een merkteken ILM wordt gebruikt dan zal gelden dat het merkteken ILM bij het starten aan
stuurboord moet worden gehouden. Merkteken ILM zal ook een merkteken van de startlijn zijn voor
toepassing van regel 18 en regel 31.
Voor de toepassing van regel 30.1 gelden als verlengden van de startlijn de verlengden buiten het Startschip en Merkteken ODM.
10.6 Boten waarvoor het waarschuwingssein nog niet is gegeven moeten het startgebied vermijden.
10.7 Een boot die later start dan 4 minuten na zijn startsein zal de score DNS krijgen. Dit wijzigt regel A4.1.
10.8 De startlijn mag alleen als zodanig gebruikt worden en dient te worden beschouwd als een hindernis als bedoeld in regel 18 RvW.
11 WIJZIGING VAN DE POSITIE VAN HET VOLGENDE MERKTEKEN
11.1 Om de plaats van het volgende merkteken te wijzigen zal het wedstrijdcomité een “Nieuw Merkteken”
leggen of het oorspronkelijke merkteken verplaatsen (of de finishlijn verplaatsen) zo snel als praktisch
mogelijk is. De wijziging zal worden aangegeven vóór de eerste boot aan het rak begonnen is, hoewel
het nieuwe merkteken mogelijk nog niet op zijn plaats ligt. Ieder merkteken dat moet worden gerond na
het ronden van het verplaatste merkteken kan worden herplaatst zonder verdere seinen teneinde de
vorm van de oorspronkelijke baan te handhaven.
11.2 Bij een grote wijziging van de baan zal de wijziging worden aangegeven door een boot van het wedstrijdcomité, die vlag C zal tonen samen met:
Een Rode Rechthoekige Vlag indien de koers van het rak naar bakboord is gewijzigd
Een Groene Driehoekige Vlag indien de koers van het rak naar stuurboord is gewijzigd,
en met tussenpozen onderbroken geluidsseinen zal geven, nabij het merkteken aan het begin van het gewijzigde rak.
12 DE FINISH
12.1 De finishlijn zal liggen tussen een staak of mast met een blauwe vlag op het finishvaartuig of wedstrijdtoren aan stuurboordzijde en het finish “Merkteken FM” aan bakboordzijde.
12.2 Wanneer op het finishvaartuig of wedstrijdtoren vlag H wordt getoond moeten alle boten, na te zijn gefinisht, zo snel mogelijk terugkeren naar de haven.
12.3 De finishlijn mag alleen als zodanig gebruikt worden en dient te worden beschouwd als een hindernis als bedoeld in regel 18 RvW.
13 STRAFSYSTEEM
13.1 Een boot die een straf heeft genomen of zich heeft teruggetrokken op grond van regel 31 of 44.1 moet
een erkenningformulier invullen bij het Wedstrijdkantoor binnen de protesttijd limiet.
13.2 Appendix P kan van toepassing zijn. (jury op het water) .
14 TIJDSLIMIETEN
Boten die niet finishen binnen 30 minuten nadat de eerste boot van zijn klasse of groep de baan heeft
gevaren en is gefinisht zullen de score DNF krijgen. Dit wijzigt regel 35 en A4.1.
15 PROTESTEN EN VERZOEKEN OM VERHAAL
15.1 Protestformulieren zijn verkrijgbaar bij het Informatie centrum. Protesten moeten daar worden ingeleverd
binnen de protesttijd limiet.
15.2 Schepen die van plan zijn een protest in te dienen zijn verplicht dit tijdens het finishen te melden bij het finishcomité en zich ervan te vergewissen dat het comité dit heeft waargenomen.
Het finishcomité zal deze meldingen noteren op de finishlijst, een protest wat niet door het finishcomité is genoteerd zal niet ontvankelijk worden verklaard.
15.3 De protesttijd limiet is 60 minuten nadat de laatste boot in de betreffende klasse gefinisht is in de laatste
wedstrijd van de dag. Dezelfde protesttijd limiet is van toepassing op alle protesten van het
wedstrijdcomité en het protestcomité en op verzoeken om verhaal. Dit wijzigt regels 61.3 en 62.2.
15.4 Mededelingen zullen worden opgehangen binnen 30 minuten na de protesttijd limiet om deelnemers op
de hoogte te brengen van verhoren waarin zij partij zijn of zijn genoemd als getuigen. Verhoren worden
gehouden in de Protest kamer, zo spoedig mogelijk na ontvangst.
15.5 Mededelingen over protesten door het wedstrijdcomité of protestcomité zullen worden opgehangen om
boten op de hoogte te brengen op grond van regel 61.1(b).
15.6 Een lijst van boten die op grond van bepaling 13.2 hebben erkend regel 42 te hebben overtreden of zijn
uitgesloten door het protestcomité zal worden opgehangen vóór de protesttijd limiet.
15.7 Voor de toepassing van regel 64.3(b) is de ‘verantwoordelijke autoriteit’, de meter benoemt door de organiserende autoriteit.
15.8 Overtreding van de bepalingen 10.5, 13.1 en 18 zijn geen grond voor een protest door een boot. Dit wijzigt regel 60.1(a). Straffen voor deze overtredingen kunnen lager zijn dan uitsluiting als het protestcomité dat beslist.
15.9 Op de laatste dag van een weekend serie moet een verzoek om heropening worden ingediend, binnen de protesttijd limiet als de partij die heropening vraagt de vorige dag op de hoogte was van de beslissing, niet later dan 30 minuten nadat de partij die om heropening vraagt op de hoogte was gebracht. Dit wijzigt regel 66.
15.10 Er worden geen formele protesten behandeld in de Optimist-C klasse.
Protesten, die worden ingediend, worden door het protestcomité openbaar behandeld waarbij de protestbehandeling vooral een leerdoel heeft.
16 ARBITRAGE
16.1 Alle protesten die betrekking hebben op RvW deel 2 (Regels van de vaart) kunnen zijn onderworpen aan Arbitrage.
16.2 RvW 44.1 wordt gewijzigd, om een boot toe te staan tijdens arbitrage een 30% score straf te nemen, berekend als in RvW 44.3(c).
16.3 RvW 63.1 wordt gewijzigd met de toevoeging: “De arbiter kan toestaan een protest terug te laten trekken zonder goedkeuring van het protestcomité”.
16.4 Na het indienen van een protest, zal de arbiter een arbitrage verhoor houden, met één vertegenwoordiger van iedere boot, tenzij de protesterende partij vraagt om het protest terug te trekken.
Getuigen zijn niet toegestaan.
16.5 Na het horen van de verklaringen van iedere vertegenwoordiger zal de arbiter tot een van de volgende oordelen komen:
a) Het protest is ongeldig of geen van de boten heeft een regel overtreden. Indien de protesterende partij akkoord gaat, mag het protest worden ingetrokken. Indien de protesterende partij niet akkoord gaat, dan zal het protest door het protestcomité worden behandeld.
b) Een of beide boten hebben een regel overtreden.
De boten, die een regel hebben gebroken, kunnen een 30% score straf nemen, zoals genoemd in WB 16.2, en het protest mag worden ingetrokken.
Indien dit niet gebeurt, dan zal het protest door het protestcomité behandeld worden.
c) De arbiter beslist dat een volledige protestverhoor nodig is.
Het protestcomité zal het protest behandelen.
16.6 De arbiter zal geen lid zijn van het protestcomité, dat het protestverhoor doet, maar mag tijdens het
protestverhoor als waarnemer aanwezig zijn en mag getuigenis aanbieden. Dit wijzigt RvW 63.3(a).
16.7 De afkorting ARB wordt gebruikt voor een arbitrage score straf. Dit is een toevoeging aan RvW A11.
17 Puntentelling
Voor elke evenement zal het Lage Puntensysteem van RvW Appendix A van toepassing zijn.
Wanneer tijdens een evenement minder dan vijf wedstrijden zijn voltooid, zal de evenement seriescore van een boot het totaal zijn van zijn wedstrijdscores in dat weekend. Dit wijzigt RvW Appendix A2.
17.1 Combi Totaal telling
Voor de Totaal telling zal het Lage Puntensysteem van RvW Appendix A van toepassing zijn.
De resultaten van de gezeilde wedstrijden van een evenement inclusief de eventuele aftrekwedstrijden zullen meetellen voor het overall resultaat. Dit wijzigt RvW Appendix A9.
De regeling van het aantal af te trekken wedstrijden is terug te vinden op de betreffende combi site.
18 VERVANGING VAN BEMANNING OF UITRUSTING
Plaatsvervanging van deelnemers en vervanging van uitrusting zal niet worden toegestaan zonder
voorafgaande schriftelijke goedkeuring van het wedstrijdcomité.
19 COMITÉ BOTEN
19.1 Wedstrijdcomité boten zijn herkenbaar aan een vlag met de letter ‘C’, of zijn herkenbaar zoals aangegeven in Appendix B.
19.2 Protestcomité boten zijn herkenbaar aan een vlag met de letters ‘PC’, ‘IJ’, ‘Jury’ of vlag J.
19.3 Rescue vaartuigen zijn herkenbaar aan een vlag met de letter “R” of voorzien van een door het wedstrijdcomité uitgereikte paarse vlag en portofoon.
Rescue vaartuigen zijn geen Comité boten, maar mogen, uitsluitend op verzoek van het wedstrijdcomité, afwijken van het gestelde in bepaling 20.
20 BEGELEIDINGSBOTEN
Teamleiders, coaches en andere hulpkrachten moeten buiten de gebieden waar boten wedstrijdzeilen blijven, van het moment van het voorbereidingssein voor de eerste klasse totdat alle boten zijn gefinisht of het wedstrijdcomité het sein voor uitstel, algemene terugroep of afbreken geeft voor alle wedstrijden.
Het bovenstaande is echter wel toegestaan bij de laatste 10 deelnemers in de optimist C klasse door de officiële rescue daartoe aangewezen door het comité.
21 RADIOCOMMUNICATIE
Terwijl hij wedstrijd zeilt, mag een boot noch radiosignalen uitzenden noch radioberichten ontvangen die niet beschikbaar zijn voor alle boten. Deze beperking is ook van toepassing op mobiele telefoons.
22 Prijzen
22.1 In iedere klasse worden per evenement prijzen uitgereikt.
Per 3 inschrijvingen in een klasse is er een prijs met een maximum van 10.
(per combi evenement eventueel aanvullen met de beschikbare wisselprijzen)
22.2 Na het laatste evenement in de betreffende combi zullen ook overall prijzen worden uitgereikt (Combi totaal prijzen).
22.3 De beste vijf in elke klasse zullen worden uitgenodigd voor de jaarlijkse Nationale Combi Finale in Hoorn, welke in september gevaren zal worden.
Verdere Voorschriften en belangrijke aanwijzingen
NB: boten kunnen op grond van de voorschriften uit deze sectie niet tegen elkaar protesteren, noch zijn deze
voorschriften grond voor verhaal.
A1 Veiligheid
A1.1 De leiding over de boot en de zorg voor de veiligheid van de boot, evenals het afsluiten van de benodigde verzekering is de onontkoombare verantwoordelijkheid van de eigenaar of degene die de boot heeft ingeschreven. Deelnemers die de wedstrijdbaan verlaten vóór het einde van een wedstrijd
dienen het wedstrijdcomité zo spoedig mogelijk hiervan op de hoogte te brengen en zich onverwijld na
terugkeer in de haven bij het Informatie Centrum te melden.
A1.2 Deelnemers die op een wedstrijddag de haven niet verlaten en deelnemers die terugkeren naar de haven, voordat ze in de laatste race zijn gefinisht, dienen het wedstrijdcomité of het Informatie Centrum zo spoedig mogelijk op de hoogte te stellen.
Indien één van de seinen ’N boven H’, ‘OW boven H‘ of ‘OW boven A‘ op één of meer wedstrijdcomité boten wordt getoond dienen de boten van de betreffende klasse(n) onverwijld naar de haven terug te keren. Het binnenlopen van een andere haven is slechts toegestaan in geval van nood. Indien boten een andere haven binnenlopen, dient het Informatie centrum onverwijld telefonisch in kennis te worden gesteld.
A1.3 Tijdens het verblijf op het water is het dragen van een deugdelijk zwemvest verplicht. Een rubberpak of droogpak geldt niet als zodanig. Dit wijzigt de inleiding van Deel 4.
A2 Aansprakelijkheid en verzekering
Het wedstrijdcomité noch enige andere bij de organisatie betrokken partij, aanvaardt enige aansprakelijkheid voor schade in welke vorm dan ook, dood en/of persoonlijk letsel daarbij inbegrepen, welke direct of indirect kan ontstaan vóór, tijdens of na de wedstrijden.
Voor iedere deelnemende boot dient ten minste een geldige wettelijke aansprakelijkheidsverzekering te zijn afgesloten met een minimum dekking van € 680.000 per gebeurtenis, dan wel een overeenkomstige dekking in de valuta van het land waar de boot geregistreerd is.
A3 Reclame
Iedere boot is verplicht aan beide zijden op de voorste 25 % van de romp een door de organiserende autoriteit beschikbaar te stellen reclame uiting van de evenementsponsor aan te brengen.
A4 Havenmeesters
De aanwijzingen van de havenmeesters, beach masters en terreinbeheerders dienen stipt te worden opgevolgd.
De straf voor het overtreden van deze bepaling zal door het protestcomité worden vastgesteld.
A5 Zeilnummers
Een boot mag slechts deelnemen onder het zeilnummer dat op de meetbrief is vermeld.
Verzoeken om een afwijkend zeilnummer te mogen voeren dienen schriftelijk onder opgaaf van redenen bij het Informatie centrum te worden ingediend. Het wedstrijdcomité zal dergelijke verzoeken slechts inwilligen indien het ervan overtuigd is dat het oorspronkelijke nummer niet in het zeil kan worden aangebracht.
Een uitzondering hierop is de C klassen, deze moeten wel een uniek nummer in het zeil hebben bijvoorbeeld met een verenigingsletter ervoor.
A6 Deelnemerslijst
De deelnemerslijst van iedere klasse wordt bekend gemaakt op het Mededelingenbord.
A7 Uitslagen
Na afloop van de laatste wedstrijd op een dag worden de uitslagen bekend gemaakt op het Mededelingenbord. Bovendien zullen de uitslagen z.s.m. worden gepubliceerd op de website van de betreffende combi regio.
A8 Weerbericht
Elke wedstrijddag zal vóór 9.00 uur een weerbericht op het Mededelingenbord worden bekendgemaakt
A9 Palaver
Een uur voor elke 1ste start van de dag in de Optimist C zal bij de vlaggenmast voor deze klasse een palaver worden gehouden, dit geldt ook na een walpauze, eventuele nabesprekingen zullen worden omgeroepen.
A10 Gedrag
Het organiserende comité behoudt het recht om deelnemers, die zich niet naar de geldende normen gedragen, tijdens het evenement op de organiserende vereniging of in de directe omgeving hiervan, van het terrein te verwijderen, met het verbod dit tijdens het verdere evenement te betreden. Een dergelijke maatregel van het organiserende comité, kan publiekelijk bekend gemaakt worden.
A11 Lokale informatie
Per evenement kunnen deze bepalingen worden aangevuld met bepalingen B met locale informatie.
(Aan vullen met lokale gegevens)
B1 Informatie Centrum
B1.1 Locatie
B1.2 Telefonische bereikbaarheid
B1.3 Openingstijden
B2 Het Wedstrijdgebied
Geef het wedstrijdgebied aan
B3 De Baan
(de hieronder vermelde gegevens zijn van combi noord, banen en merktekens kunnen per combi verschillen, echter heeft deze baanvorm indien mogelijk de voorkeur)
B3.1 Merktekens van de Start- of Finishlijn:
Verenigingsvlag : geeft de vereniging aan
Merkteken ODM: Een drijfbaken met oranje vlag
Merkteken ILM: Een drijfbaken met rode vlag
Merkteken FM: Een drijfbaken met blauwe vlag
B3.2 Merktekens van de baan:
Merkteken 1, 2, 3 , 4 en 5 zijn blauwe Delta Lloyd cilindervormige boeien met of zonder nummers.
“Nieuw Merkteken” is een cilindervormige boei zonder nummer of het oorspronkelijke merkteken.
|
Outerloop Baan |
Innerloop Baan |
||
|
Klasse |
Volgorde van de merktekens |
Klasse |
Volgorde van de merktekens |
|
Splash |
Start – 1 – 2 – 3 - 2 - 3 – 5 – finish |
Optimist |
Start – 1 – 4 – 1 – 2 – 3 – 5 – finish |
|
reserve |
|
Laser 4.7 |
Start – 1 – 4 – 1 – 2 – 6 - 2 – 3 – 5 – finish |
